Wat kost een badkamerrenovatie in 2025 echt?

Sharing is caring!

Een nieuwe badkamer staat bij veel mensen hoog op het verlanglijstje, maar de prijs blijft vaak een vraagteken. Online zie je bedragen voorbijkomen van een paar duizend euro tot ruim boven de dertigduizend. Die verschillen zijn niet vreemd: de uiteindelijke kosten hangen af van de grootte van je badkamer, de staat van de leidingen, je materiaalkeuze en hoeveel je zelf doet.

In dit artikel zie je per onderdeel welke bedragen in 2025 realistisch zijn. Daarnaast lees je waar je verstandig kunt besparen en waar je beter niet op beknibbelt. De genoemde bedragen zijn indicaties: prijzen verschillen per regio en per vakman, dus vraag altijd meerdere offertes aan.

De totaalprijs in grote lijnen

Voor een gemiddelde badkamer van zo’n vijf tot zes vierkante meter ligt een complete renovatie in 2025 meestal tussen de 10.000 en 20.000 euro, inclusief materiaal en arbeid. Met eenvoudig sanitair en een strak budget kom je soms uit rond de 7.000 euro. Kies je voor een inloopdouche, vrijstaand bad, vloerverwarming en luxe tegels, dan zit je al snel boven de 25.000 euro.

Arbeid maakt vaak de helft of meer van het totaal uit. Een badkamer vraagt om meerdere vakmensen, zoals een loodgieter, tegelzetter en elektricien, en reken op een uurtarief van grofweg 45 tot 70 euro per persoon.

Kosten per onderdeel

Om grip te krijgen op je budget helpt het om de renovatie op te knippen in losse posten. Onderstaande bedragen zijn gangbare richtprijzen voor een gemiddelde badkamer, inclusief installatie.

  • Slopen en afvoeren van de oude badkamer: 600 tot 1.500 euro
  • Leidingwerk en afvoer aanpassen: 1.500 tot 4.000 euro
  • Tegelwerk (materiaal en plaatsen): 70 tot 180 euro per m²
  • Sanitair zoals toilet, douche en badmeubel: 1.500 tot 6.000 euro
  • Elektra, verlichting en ventilatie: 600 tot 1.800 euro

Waar de kosten onverwacht oplopen

De grootste verrassingen zitten meestal achter de tegels. Bij oudere woningen kom je regelmatig verouderde leidingen, rotte vloerdelen of een ondeugdelijke afvoer tegen. Herstel daarvan kan honderden tot enkele duizenden euro’s extra kosten. Houd daarom altijd een buffer van zo’n tien tot vijftien procent aan.

Ook het verplaatsen van het toilet of de douche is duur. Een nieuwe afvoer aanleggen betekent hakken in vloeren of muren en soms extra voorzieningen zoals een vuilwaterpomp. Wil je meer weten over wat er bij zulke ingrepen komt kijken, dan vind je op helpikbengeenklusser.nl antwoorden op veelgestelde vragen over klussen en verbouwen.

Besparen zonder kwaliteit te verliezen

De makkelijkste besparing is de indeling grotendeels laten zoals hij is. Als de leidingen op hun plek blijven, scheelt dat flink in loodgieterswerk. Daarnaast kun je zelf het sloopwerk doen, mits je weet waar leidingen en elektra lopen. Dat levert al snel een paar honderd euro op.

Bij tegels hoef je niet voor de duurste te gaan. Middenklasse tegels zijn vaak prima van kwaliteit, en grote formaten betekenen minder voegen en soms minder arbeid. Kies voor tegels tot halverwege de wand en werk de rest af met vochtbestendige verf of stucwerk. Ook bij sanitair zit veel prijsverschil in merknaam en design, terwijl de techniek vergelijkbaar is.

Waar je beter niet op bespaart

Bespaar nooit op waterdichting en ventilatie. Een goed aangebrachte kitlaag en waterdichte laag onder de tegels voorkomen lekkages en schimmel, die later veel duurder uitpakken. Een stille, krachtige ventilator houdt vocht buiten de muren.

Ook kranen en een thermostaatkraan zijn het waard om iets meer uit te geven. Goedkope kranen gaan sneller lekken en zijn lastig te repareren. Het vakmanschap van je tegelzetter bepaalt bovendien voor een groot deel hoe je badkamer er over tien jaar uitziet.